Index/Retour.

Arbitrage.

Geen officiële wedstrijd kan er gespeeld worden zonder arbitrage. Elk spel en elke sport kent zijn arbiters. De mensen die "onopvallend" hun werk doen. Zo ook bij het arbitreren van het biljarten.

Nederland kent een groot arbiterskorps dat in alle Districten en Gewesten zijn afdelingen heeft.

Uiteraard zijn de officiële arbiters zelf ook speler en hebben zij ervoor gekozen de biljartsport op deze manier verder te ondersteunen.

Om arbiter te worden dien je de opleiding te volgen van Districts arbiter waarna je de officiële KNBB wedstrijden mag arbitreren binnen het District.

Hierna is het mogelijk Gewestelijk Arbiter te worden waarna de weg open ligt om Nederlandse Kampioenschappen te mogen arbitreren. Uiteraard daarna de Europese en Wereldkampioenschappen.

Als beginnend biljarter kan het arbitreren een hele goede manier zijn om het biljarten nog beter onder de knie te krijgen.

Je ziet bij de betere spelers exact hoe zij een bepaald stootbeeld oplossen.

Binnen het handboek Arbitrage staan alle regels verwerkt waar een arbiter mee te maken krijgt.

Het gaat dan niet alleen om wedstrijdregels zoals een wedstrijd gespeeld dient te worden. Het gaat ook om gedragsregels waar een ieder zich aan dient te houden. De arbiter waakt er op dat eenieder zich hier aan houdt.

Nederland kent geen "beroemde" arbiters. Dat is eigenlijk ook goed omdat deze zich onopvallend aanwezig dienen te zijn.

Toch heeft Nederland wel bekende arbiters natuurlijk. Jan Verhaas heeft zich als arbiter in het Snooker en Nineball omhoog gewerkt tot een internationaal bekende arbiter.

Jan rolde "per ongeluk" in de sport toen hij tijdens een toernooi in Nederland te Rotterdam werd gespot door de Engels bond.

Het meest opmerkelijke dat hij heeft meegemaakt was tijdens de World Open in Schotland tijdens een partij tegen Mark King.

Jan moest de Brit Ronnie O'Sullivan sommeren om een maximun break van 147 af te maken.

Ronnie had voor aanvang van de break geïnformeerd bij Jan wat de prijs zou zijn voor de maximum break. Er stond dat jaar geen prijs meer op.

Toen Ronnie 140 punten had en alleen de laatste zwarte bal moest potten, liep deze naar zijn tegenstander Mark King om hem de hand te schudden.

Ronnie werd toen gevraagd om voor de sport en zijn fans de serie toch af te maken en hij maakte toen zijn 10e maximun break toch af en brak daarmee het record dat op naam van Stephen Hendry stond.

Na afloop zou Ronnie tegen Jan gezegt hebben dat deze op zijn schuldgevoel had ingespeeld. Hieronder de bewuste wedstrijd.

Jan Verhaas heeft door zijn carriere in de Snookersport een goede impuls gegeven aan het arbiterkorps.

Jan is voor velen een voorbeeld van goed arbiterschap.

Toch heeft Jan zijn humor behouden en kan het, daar waar het mag, inzetten.

Een arbiter blijft uiteraard ook een mens. In de tegenwoordige etikette en de omgangsvormen, die zeer luchtig zijn, is het ook voor de toeschouwer zeer vermakelijk om te kunnen lachen om de spelers en arbiters.